Camino del Norte 2013

  • warning: Creating default object from empty value in /home/esteen/ruth-is-onderweg.net/modules/taxonomy/taxonomy.module on line 1364.
  • : preg_replace(): The /e modifier is deprecated, use preg_replace_callback instead in /home/esteen/ruth-is-onderweg.net/includes/unicode.inc on line 311.
  • : preg_replace(): The /e modifier is deprecated, use preg_replace_callback instead in /home/esteen/ruth-is-onderweg.net/includes/unicode.inc on line 311.

Zondag 16 Juni 2013 (dag 22) Luanco – Soto de Luina 54 km.

De zon is op het appel als we onze “ideale” rustplaats verlaten. Als we links de zwarte hoogovens en vervuilende schoorstenen zien opduiken rond Avilés begrijpen we waaraan we ontsnapt zijn door langs de kust te rijden. Een geelachtige zwavel smog hangt stinkend over de “ijzeren stad”. Gelukkig is het zondagmorgen. Door het weinige verkeer kunnen we deze deprimerende stad rap achter ons laten. Voorbij Salinas verschijnen eindelijk weer de groene weiden en de heuvels van het Cantabrische middengebergte. De ene kuitenbijter volgt de andere op soms aan meer dan 10%. Nu en dan worden we beloond met een onvergetelijke “mirador” op de golvende oceaan in de diepte. Mooi … dat wel … maar eens te meer de zoveelste klim voor gevorderden. Het is ondertussen 34°C en geen zuchtje wind. In Cudillo is het even spannend als we vanuit dit diepe gat een autostrade in aanbouw oprijden langs een tientallen meters hoge viaduct. De kleine dorpjes hier zijn opvallend minder rijkelijk dan in Baskenland of Cantabrië. Overal bemerken we “se vende” op bouwsels in verval. Ook op nieuwe huizen. Zou de crisis hier hard toeslaan? In het slapende dorpje Soto de Luina midden in de heuvels houden we halt in de herberg Paulina “special for peregrinos”, een “opgeknapte” privé refugio. We zijn eigenaardig de enige gasten. Nog de was en de plas, nog een pint en de dag is weer voorbij.


Zaterdag 15 Juni 2013 (dag 21) Luanco. Rustdag na 919 km.

Het is warm zomerweer. Vele oma’s en opa’s spelen met hun kleinkinderen op het strand. We bezoeken het “Museo del Mar”, hét Maritiem Museum van Asturië. Een absolute aanrader als je van scheepsmaquettes en van modelbouw houdt, 3 verdiepen hoog voor een spotprijs.


Vrijdag 14 Juni 2013 (dag 20) Villaviciosa – Luanco 55 km.

Vrijdag 14 Juni 2013 (dag 20) Villaviciosa – Luanco 55 km.

Wolken slenteren in flarden langs de groene bergwanden. De gastvrouw kijkt wantrouwend naar de bergen als we vertrekken. Moeten jullie daar naar boven? We zijn een beetje zenuwachtig want de steile Alto de la Cruz op 400 m. en de al even hoge El Cubiéllo wachten op ons. In plaats van richting Peón te fietsen, vergissen we ons. Verkeerd rijden we langs de N-632 naar Avilés. We stellen blij vast dat de weg zich rond deze bergen slingert in plaats van er boven op, tot slechts 250 m. hoog. Lastig genoeg zo! In Somio probeert een wielertoerist in zijn ratelend op de zenuwwerkend Spaans met veel gebaren, en zeer geïnteresseerd in onze fietsen want hij rijdt ook met een Trek, ons te overtuigen niet rechtstreeks naar Avilés te fietsen. Het is beter over Luanco langs te kust te rijden want “mucho mucho tráfico”. De zon breekt door als we vanaf de playa van Serin in de diepte Gijón zien liggen. Wonderwel lukt het ons zonder veel problemen door de stad te raken door zoveel mogelijk het strand te volgen. Bij het verlaten van de stad duiken langs beide kanten van de weg zwart-rode schoorstenen op van staalfabrieken en hoogovens in werking. Ze spuwen allerlei stoffen uit van bedenkelijke kwaliteit. Daar gaat onze dagenlange luchtkuur! De weg naar Luanco blijkt een vier baanvaks weg te zijn met gevaarlijk snel verkeer als op een autostrade. De hellingen zijn verraderlijk steil en moeilijk in te schatten. Doodvermoeid vinden we dicht bij de playa van Luanco een hotelletje. Een tof authentiek badplaatsje om een rustdag te houden.




Donderdag 13 Juni 2013 (dag 19) Ribadesella – Villaviciosa 41 km.

Wij worden gewekt door het zware gekletter van de regen in de dakgoot. Oh boy, zouden we wel vertrekken? We pakken ontstemd in en eten in afwachting aan de overkant enkele bocadillos. Plots raadt de heilige geest of St. Jacob ons aan het tentje naar België terug te sturen. We hebben er nog maar 1 keer in geslapen. De man van de “correos” helpt ons waardig en met veel geduld het tentje in een te kleine doos te moffelen. Een plakband er rond, een document invullen en we zijn van 4,5 kg. af. We “schuren” over 2 heuveltoppen tot 130 m. in de regen die loodrecht op onze infrastructuur plenst. Na de “comida” in Colunga besluiten we toch maar verder te fietsen. Na de zoveelste regenbui en heuveltop tot 160 m. “racen” we als 2 waterkiekens Villaviciosa binnen. We kloppen aan aan het bevlagde hotel Carlos I, een goedkoop maar kraaknet en stijlvol hotel uit de tijd van “upstairs downstaires”. De zeer vriendelijke dame die duidelijk gewoon is pelgrims te ontvangen, stelt voor onze kleren te wassen en te drogen in 1 uur in de plaatselijke wasserij voor een habbekrats. Glunderend namen we dit aanbod graag aan. Een dag vol emoties … vele regenbuien … maar we hebben er nog geen minuut aan gedacht te stoppen. Wat een avontuur is de Camino toch.






Woensdag 12 Juni 2013 (dag 18) Unquerra – Ribadesella 62 km.

We rijden de brug over en komen in het groene Asturië, een autonome provincie die de Spanjaarden beschouwen als hún bakermat, want hier begon de reconquista tegen de gevreesde Moren. Voor ons komt deze regio zeker niet overeen met het vakantiebeeld van het overgoten zonnige Spanje. Het regent hier veel. Vandaag echter is de hemel diep blauw. Het zou zelfs tot 30°C. worden. Leve de zomer! Onmiddellijk worden we getrakteerd op een steile helling tot 130 m. We missen de uitgestippelde weg en komen op een klein wegje midden de bergen in malse “alpenweiden”. Wat is het hier mooi. Eén zachte streling voor het oog. We voelen ons als in de Alpen op 1000 m. Regelmatig rijden we door aangenaam schaduwrijke bosjes van eucalyptusbomen. Een specht zit ongestoord te boren in een boom. In Llanes komen we terug aan de oceaan. Mensen liggen rustig te bruinen langs de schuimende golven. Constant is er wel iets dat de aandacht trekt. Een zonovergoten playa tussen de rotsen, een mooi koloniaal gebouw … we vergeten zelfs te eten. We moeten ons na lang zoeken tevreden stellen met een “comida” in een restaurant aan een tankstation aan de autostrade vol ruige truckers. Een soort vissoep met slappe te lang gekookte elleboogjes, daarna inktvisachtige zwartgebakken schepsels “a la plancha”, die ons maag doen opspelen. De “flan normal” kan een beetje de honger temperen. Het wordt bloedheet als we in rechte lijn naar Ribadesella fietsen. Nu en dan een korte stop in de schaduw van een lommerrijke boom maakt de hitte een beetje draaglijker. De drinkbussen zijn al lang leeg gedronken als we in het toeristenstadje aan de Sella aankomen. De 300 m. lange brug over de Sella was ooit de langste brug in Spanje. De vele statige huizen getuigen van een rijk verleden waar menig beroemde persoon graag verbleef.
















Dinsdag 11 Juni 2013 (dag 17) Vivedo – Unquerra 47 km (In Asturië over de helft op 697 km.)

Eindelijk een azuur blauwe hemel Spanje waardig!. Het wordt warm tot 27°C. Zoals altijd gaat het bergop bergaf tussen 0 en 150 m. soms aan 9%. Lastig! Maar wat een panorama’s! Voorbij Santillana del Mar vol statige herenhuizen duiken plots de besneeuwde toppen van de Picos de Europa op tot 2800 m. Cóbreces, Comillas, San Vincente de la Barquera zijn stuk voor stuk onbeschrijflijk mooie stadjes met rijke huizen, kerken en kloosters … om ter grootst of … om ter heiligst? Latijns-Amerikaanse stijlelementen herinneren ons eraan dat hier eeuwenlang veel inwijkelingen uit Latijns-America verbleven en nog verblijven. Tegenwoordig dikwijls gefortuneerde gepensioneerden. De route is één langgerekte panoramafoto onmogelijk om vast te leggen. Rechts de oceaan verscholen tussen groene kliffen, links groen middelgebergte met vredig grazende koeien. Daarachter het woeste decor van de wit besneeuwde Picos de Europa. In Unquerra dat pal op de grens ligt met Asturië boeken we in het tot nog toe goedkoopste hotelletje naast de “grens”-brug. De stokoude maar energievolle gastvrouw noemt “Maria Jésus” en schrijft gedichten. Een avondwandeling langs de betoverende Ría Deva maakt deze vakantiedag compleet.














Maandag 10 Juni 2013 (dag 16) Laredo – Vivedo 60 km.

Het is bewolkt maar er valt geen nattigheid uit. In Laredo fietsen we langs de langste playa van Cantabrië. De hoogbouw is hier lelijk zoals in Knokke of blankenberge. Veel flats staan leeg of “se vende”. Zijn dit tekenen van de crisis of heeft men hier waanzinnig teveel gebouwd? De wolken hangen hoog rond de bergen. Het zal dus niet regenen waarschijnlijk. We waden ons door het gele zachte strand naar het overzetbootje naar Santona. De aanlegsteiger is een smal plankje waar we de zwaar geladen fietsen nauwelijks over kunnen hijsen. Daarop volgt een “vlakke” rit van 25 km. naar Somo, dit toch niet te onderschatten is wegens een heuvel tot 160 m. “Vlak” betekent in Spanje eigenlijk toch “bergop” en achter die ene berg duikt een andere heuvel op of andersom. De overzetboot van Puntal de Somo naar Santander is iets groter. Spaanse wielertoeristen drummen om als eerste op de wiegende boot te zijn. De fietsen er op krijgen is door de smalle trappen een hele heksentoer. Zonder de hulp van de kapitein zou het niet lukken. Santander is een grote te drukke mierennest die we vlug proberen te doorkruisen richting Sant Cruz de Bezana. Op de vele rotondes snijden de auto’s ons geërgerd gevaarlijk de weg af. In Bezana is het rond 14 uur hoog de tijd voor de comida bestaande uit de gebruikelijke “de primero, de secundo en de postre”. De zon breekt door en we willen verder geraken dan de schamele 25 km. van gisteren. De N-611 gaat bergop bergaf tussen 50 en 150 m. aan 8%. In Veveda worden we overmand door vermoeidheid. Het ***-hotel is luxueus en toch goedkoop. Dit is verdiend, tóch?


















Zondag 9 Juni 2013 (dag 15) Castro-Urdiales - Laredo slechts 25 km.

Door de wind … door de regen … is dit geen liedje? Het regent pijpestelen. Niets bemoedigend. “Wij hebben dit in juni nog nooit meegemaakt” vertellen de Spanjaarden ons. Alles is kletsnat. Beken water stromen in watervallen over de weg. Het is koud en ongeveer 14°C. Waar zijn we in godsnaam mee bezig? De bergen en de zee zijn vermist in de dikke mist. Het is één grote ellende. In Laredo houden we het voor bekeken als het nóg harder begint te gieten en schieten het eerste beste hotel binnen. Op TV tonen ze beelden van overstromingen in Pamplona! Pamplona staat onder water! Er komt een smsje binnen van het thuisfront dat het in België 25°C is en een staalblauwe hemel. De wereld op zijn kop.






Zaterdag 8 Juni 2013 (dag 14) Castro-Urdiales. Rustdag.

Het is heerlijk vertoeven in deze gezellige Spaanse badplaats zonder buitenlandse toeristen.
Spijtig dat het regelmatig miezelt. Hier zou ik op vakantie tot rust kunnen komen. ’s Avonds speelt Fons gulzig achter een pint een mega maxi grote friet naar binnen met een smak mayonaise op zijn Belgisch. Waar steekt hij dit allemaal. Door de dagenlange inspanning heeft ons lichaam meer en meer calorieën nodig.










Vrijdag 7 Juni 2013 (dag 13) Bilbao – Castro-Urdiales 46 km.

Het is warm maar onweerachtig. Dankzij ons stadskaartje geraken we goed en wel uit deze fietsonvriendelijke stad. Daar achter de hoek ligt het hypermoderne Guggenheimmuseum, het visitekaartje van Bilbao. Zwaar vervuilende industrie 15 km. ver langs de Ría de Bilbao is ons deel. Eindelijk terug de natuur in … en de bergen vanaf Zierbana. Zwarte wolken hangen dreigend laag boven ons. Rechts in diepte kolkt schuimend de zee. De autostrade slingert zich als een slang een weg door de heuvels. Nu eens moeten we er onderdoor, dan erover. Voorbij Ontón krijgen we het hard te verduren als we de Alto de Mino op slechts 250 m. voorgeschoteld krijgen. 3 km lang aan 10%! Aan 6 of 7 km. per uur is het moeilijk om niet omver te vallen. Het hartritme gaat de lucht in. Wij gaan door op karakter. Wat een spektakel biedt de natuur ons! De oceaan die ver aan de horizon overgaat in de hemelkoepel en het Cantabrische gebergte omringd door grillige mistslierten. Onze hongerige magen beginnen iedere dag wat vroeger te knorren. De “menu del día” is lekker maar zwemt teveel in de olie. Beneden in de verte ligt Castro-Urdiales en de vissershaven als een smaragd in het blauwe water. We zijn moe en boeken 2 nachten in een hotelletje aan de promenade. Nauwelijks binnen of de wolken pakken samen, en het begint te donderen dat de ruiten trillen en te bliksemen dat de lucht knettert als hoogspanningskabels. Vandaag hebben we weer eens ongeveer 500 m. geklommen. De Camino del Norte is ronduit een tocht om “U” tegen te zeggen.








Inhoud syndiceren