• : Function ereg() is deprecated in /home/esteen/ruth-is-onderweg.net/includes/file.inc on line 647.
  • : Function ereg() is deprecated in /home/esteen/ruth-is-onderweg.net/includes/file.inc on line 647.
  • : Function ereg() is deprecated in /home/esteen/ruth-is-onderweg.net/includes/file.inc on line 647.
  • : Function ereg() is deprecated in /home/esteen/ruth-is-onderweg.net/includes/file.inc on line 647.
  • : Function ereg() is deprecated in /home/esteen/ruth-is-onderweg.net/includes/file.inc on line 647.
  • : Function ereg() is deprecated in /home/esteen/ruth-is-onderweg.net/includes/file.inc on line 647.
  • : Function ereg() is deprecated in /home/esteen/ruth-is-onderweg.net/includes/file.inc on line 647.
  • : Function ereg() is deprecated in /home/esteen/ruth-is-onderweg.net/includes/file.inc on line 647.
  • : Function ereg() is deprecated in /home/esteen/ruth-is-onderweg.net/includes/file.inc on line 647.
  • : Function ereg() is deprecated in /home/esteen/ruth-is-onderweg.net/includes/file.inc on line 647.
  • : preg_replace(): The /e modifier is deprecated, use preg_replace_callback instead in /home/esteen/ruth-is-onderweg.net/includes/unicode.inc on line 311.
  • : preg_replace(): The /e modifier is deprecated, use preg_replace_callback instead in /home/esteen/ruth-is-onderweg.net/includes/unicode.inc on line 311.

Dinsdag 19 juni (dag 18) Marcilly-sur-Vienne - Saint Cyr (52 km)

Vandaag bijna 30 graden en voortdurende dreigende onweerswolken. In Chatellerault loopt het mis. Sweerman klopt langs geen kanten. Aan de Henri-4 brug staat een koppel fietsers uit Breskens op weg naar Bergerac, die hetzelfde traject volgen en het ook niet meer weten. Wat verder 2 Amerikanen op weg naar Bordeaux. We steken de koppen bijeen en na wat zoek - en speurwerk komen we inderdaad uit op de onvindbare weg naar Poitiers over Saint Cyr. Hier neem ik afscheid want de hitte speelt mij parten (ik heb vergeten te eten). Ik besluit hier te kamperen in de 4****camping. Ik val temidden een onverwachte drukte en massatoerisme. Dit ben ik duidelijk niet meer gewoon. Bovendien gaat de winkel pas open op 1 juli. Ik rij 4 km terug naar het dorp waar ik klaargemaakte couscous met kip koop. Terwijl ik deze opwarm gaan de hemelsluizen open en voor ik het weet staat mijn panneteje half vol water. Ik laat het niet aan mijn hart komen want de aanmoedigende sms, jes zijn terug daar. Moergen heef ik niet op.

Woensdag 20 juni (dag 19) Saint Cyr - Vivonne (48 km) (reeds 900 km)

Het is hier goed aankomen bij "Yvonne". Toffe camping : de pelgrims krijgen hier als verwelkoming een glas fruitsap. In de bibliotheek heb ik internet gevonden. Het was rustig fietsen door terug een glooiend landschap. Poitiers heb ik niet bezocht, gewoon omdat ik de drukte van een grote stad wou vermijden. Mijn lichaam verlangt naar meer en meer eten. Onderweg heb ik 2 plats du jour verorberd, 3 bananen, een tablet chocolade, een half brood met kaas. Toch zie ik mijn zwembandjes wegkwijnen. Ik wordt moe. Misschien blijf ik hier wel een dagje uitrusten. Hopelijk wordt ik dee nacht niet wakker gehouden door klank en lichtspel.

Donderdag 21 juni (dag 20) Vivonne - Melle (51 km)

Vandaag is het de langste dag van het jaar en ik overschrijd de 1000 km! Is dit niet mooi? Kik ne ker hiere, ik zitte nondedjuu in Mèèlle! Mooie natuur vol korenbloemen en klaprozen. Veel aandacht ervoor heb ik echter niet want voortdurend dreigen wolken hun lading te willen lossen. Ik heb een Logis de France op het oog in Melle. Maar wat dacht je? Juist... "complet, madame". Na wat zoeken vind ik de camping municipal waar de grond verzadigd is van het vele regenwater. Ik heb geen andere keuze. Nog maar net geinstalleerd of het herbegint weer. Het is killig en nat. De moed zakt nu wel in mijn schoenen. Sint Jacob, waarom zorg jij niet voor wat beter weer? Heb ik mijn emmers water nog niet gehad? Een telefoontje van Katrien doet me weer wat opfleuren. Het regent de ganse nacht.

Vrijdag 22 juni (dag 21) Melle - Aulny (39 km)

Als ik wakker wordt regent het nog altijd. Gelukkig laat mijn duur tentje (een Robens Cloud) geen lek regen binnen. Maar alles wordt klam. De camping onder de bomen is te vochtig om te blijven en ik besluit op te breken. Mijn doel is St. Jean-d'Angélie. Verbeten trotseer ik de plensregen en de krachtige tegenwind. Geen 5-frankstukken, maar ganse euros vallen uit de lucht. Ik kan niet meer en kom nog nauwelijks vooruit. In mijn linkerknie voel ik opkomende pijnscheuten. Wat een roooooooooôtdag!!! Is dìt "la douce France"? Ze kunnen ze allemaal .... Ik rij verloren want mijn fietskaartjes zijn doorweekt. Op een bepaald moment sukkel ik op de drukke D950 waar ik mij tot Aulnay "haast" en aanbel in het hotel "Du Donjon". Een juweeltje van een antiek interieur met eeuwenoude balken aan het plafond. Een aanrader want pelgrims worden hier goed ontvangen en ik mag op het internet. In de inkomzaal hangt een grote pancarde met alle wegen die naar Compostela leiden. Ik neem de "formule étape" en laat mij op bed ploffen. s'Avonds mag ik van een zeer geïntersseerd zwitsers koppel een glasje rode wijn meedrinken. Buiten regent het nog altijd, maar "le temps va s'améliorer".




Zaterdag 23 juni (dag22) Aulnay - St. Jean d'Angely (slechts 23 km)

Ik had een onrustige nacht. Na een zorgvuldig opgediend ontbijt vertrek ik met veel moed richting Saintes. Nog vlug een kiekje van de prachtige romaanse kerk, omdat Erik aandringt naar foto's. Jammer "batterij bijna leeg". Zeker door de vocht. Ik voel al vlug aan de benen dat ik beter halt hou bij Angely. Ik voel mij uitgeput en draaierig. Er is wat zon, maar veel meer plensbuien die ik nu wel ècht zat begin te worden. Ik schuil in een bushokje en zie tot mijn grote verbazing op nog geen meter een tros bijtjes hun rasternest opbouwen. Langs de overkant een boerderij met zowaar in het midden een palmboom. Verdorie! Ik zit al een beetje in het zuiden! Hier en daar zijn de meestal geel-roos getinte huizen bedekt met de typisch Provençaalse dakpannen. In St. Jean d'Y vind ik een tamelijk goede camping waar ik platte rust hou in mijn piepklijn "huisje". Morgen blijf ik hier wellicht een dagje uitrusten. Het stadje loont de moeite om er eens rond te kuieren en te genieten. Nochtans ligt de zee niet meer zo veraf...




Zondag 24 Juni (dag 23) St. Jean d'Angely - Saintes (30 km maar)

Het is mooi weer, de benen jeuken. Ik rij tòch naar Saintes. Het is een mooie rit in de zon. Ja, nu voel ik het ècht : het zuiden komt dichterbij! Graanvelden wisselen af met velden zonnebloemen en wijngaarden. Een traan rolt over mijn wang. Dìt is Frankrijk! Heuvel op ,heuvel af. Hier en daar een kasteeltje, een romaans kerkje of een verloren donjon. De Charente is mooier dan ik dacht. Het is wel zwaar en ben blij als ik tegen de middag aankom in Saintes. Mooie camping vlak aan de Charente. Na de installatie van mijn tentje rep ik mij naar het historisch zeer oude stadje want er is nogal wat te bekijken. Ik doe mij te goed aan (een) glasje(s) rosé vin de pays. Even verder pronkt de triomfboog van Germanicus (20 na Chr.). Een verrassing : ik heb tenslotte al meer dan 1 derde afgelegd. Ik ben blij dat ik deze stad heb uitgekozen als rustplaats. De smalle steegjes, witte kalkstenen gebouwen en (patriciërs)huizen doen zuiders aan. Morgen hang ik een dagje de toerist uit. Ik ga zeker de reuzepannekoeken met bollen ijs proberen... èn met een pineau de Charente erbij. Ik ga me zoals Pallieter kapot (vr)eten (!?) want dit lichaam snakt naar stevige kost.

Maandag 25 juni (dag 24) Saintes Rustdag

Wat is het verschil tussen een puddingachtige konstructie en een koppel aantrekkelijk gespierde benen? 1100 km fietsen, natuurlijk.










Dinsdag 26 juni (dag 25) Saintes - Soulac-sur-Mer (65 km)

Hier begint het vol te lopen. Een hele groep Anwb-campeerders. Het toeristisch seizoen begint aan te trekken. Tijd om de plaat te poetsen. Onderweg de buien zoals gewoonlijk. Het kan me niet meer schelen . Over de onmogelijkste landwegjes geraak ik zonder verloren te rijden tegen 13u30 in Royan waar ik mij recht naar de ferry snel die om 14u00 afvaart. Ik ben op tijd! Oh thalassa oh thalassa. Eindelijk de zee. Ik krijg tranen in mijn ogen. De Schelde is slechts een beekje tegenover die machtige Gironde. De ferry schommelt van links naar rechts op en neer. Ik geraak in vervoering en krijg tranen in de ogen. Vergeet ik mijn fietshelm toch niet op de boot zeker? De overtocht duurt een half uur. Ik fiets langs en prachig fietspad door de duinen tot Soulac waar ik een camping vind met zicht op de oceaan. Dit is feest! Morge zou et niet meer regenen en steed warmer worden.








woensdag 27 juni (dag 26) Soulac-sur-Mer - Lacanau (68 km)

Ik doorkruis de Médoc, net een platte lekker ruikende quiche klaargemaakt uit een kompositie van dennenaalden, heide en varens. De kustwegen leiden door een kilometerslange verlaten woestijn van zand en duinen waar niets te kopen valt. "I don't feel well in the desert" en ik volg de kaarsrechte D101 en D3 meer in het binnenland. Alles is hier goedkoper dan aan de kust en de lucht is er even zuiver. Onderweg laat ik in een garage de pikkel van mijn fiets vastzetten, een niet te onderschatten en te missen onderdeel van een zwaar beladen fiets. Overal prijzen ze hier de lekkere mosseltjes en oesters aan. Ik ben moe en vraag mij af of ik wel in St.Pied-de-Port zal aankomen.


Dondedag 28 juni (dag 27) Lacanau - Salles (69 km)

Vandaag dezelfde quiche als gisteren, maar warmer opgediend. De overweldigende dennengeur prikkelt mijn reukorgaan. Dit is niet te vergelijken met die flesjes dennengeur op het toilet. Wat een zuivere lucht. De route loopt over een eindeloos netwerk van fietspaden die hier in de Landes zelfs hun eigen departementaal nummer hebben. In Andernos koop ik een nieuwe fietshelm en wordt ik getrakteerd op een militair défilé. Dit hadden ze toch niet moeten doen... lichtjes overdreven. In Audenge komt er plots een geblokte fransman naast mij fietsen tot in Mios, de visharpoen als een ridder vooruit stekend. "Vrees niet, ik doe je geen kwaad". Er volgt een diepgaand gesprek over het leven wat je niet zou verwachten van iemand die tot in de Barendszee is gaan vissen. Hij vindt mijn project ongewoon prachtig. Hij zou het ook wel eens willen doen "ce chemin de l'humanité", maar zijn vrouw.... Ik ben terug zò opgeladen dat ik door fiets tot in Salles. Hier vul ik mijn fietszakken vol proviand en huidcrèmes, want er volgen nog 150 km bos en nog eens bos.


Vrijdag 29 juni (dag 28) Salles - Labouheyre (64 km)

Het hartje van de Gascogne. Eindeloze bossen en kaarsrechte wegen. Al even kaarsrecht reiken de dennebomen naar boven en nodigen uit tot een gesprek met de flarden wolken die stoeien met de zon. Ik word overmand door deliriumachtige gevoelens van opperste geluk maar ook van diepe droefheid. En plots, temidden van deze eindeloosheid een stukje hemel. Moustey, een "gat" met 2 kerkjes, 3 huizen en een juweeltje van een restaurant "le Haut-Landais" (wat een woordspeling!). Het wordt uitgebaat door een zeer gastvrij Hollands echtpaar en een Schot achter de pannen. Ze bieden de pelgrims een zeer smakelijke en kalorierijke "plat du jour" aan, aan een zeer redelijke prijs. Dit is genieten zeg! En... in het Nederlands! Toevallig zijn een groep fransen een reportage aan het maken over de route naar Compostela die van hier af een beetje bewegwijzerd is. Mijn fiets en ikzelf worden langs alle kanten en in close-up gefotografeerd. Kom ik in 1 of andere boek(je) terecht? Maar de weg is nog lang. Richting Labouheyre verzink ik terug tot een stipje in het stille niemandsland. In Labouheyre strijk ik neer in de al even rustige "aire naturelle municipal". Tè rustig. Ik sta daar alleen en voel mij niet veilig. Ik vind een goedkope auberge. In de inkomhall prijkt een rode vlag met Fidel en El Che "Hasta la victoria siempre"!


Zaterdag 30 juni (dag 29) Labouheyre - Castets (58 km)

Vandaag wordt ik geconfronteerd met de eerste grote hitte. De zon brandt ongenadig, de krekels voelen zich vrolijk. Door de Landes fietsen is niet alleen lichamelijk maar vooral psychisch zwaar. Ik denk na over de ondraaglijke lichtheid van het bestaan. ?Dondè està esta victoria? Wanneer ik in Lespéron aanschuif voor "le plat du jour" op een heerlijk terras onder de platanen van een Logis de France, zie ik een Hollands echtpaar net hetzelfde doen. Zij gaan te voet tot Pamplona. Algauw wordt het een heel gezellig keuvelen met uitwisselen van nare en toffe ervaringen. Weer een stukje hemel temidden van deze woestijn van zand en dennenbomen. Mijn billen schroeien tot iets wat op chorizo lijkt. Het is 30 graden in de schaduw! Vlak voorbij Taller gebeurt het dan: de gevreesde klop van de hamer. Niets draait nog rond. Ik voel me plots onwel. Bang om, alleen, flauw te vallen in dit onmetelijke woud rij ik terug naar Taller, waar ik in de bar een uur lijkbleek en onbeweeglijk voor mij uit staar. De patron zegt niets en brengt mij een jus d'orange. "In Castets is een camping, slechts 7 km van hier". Heel rustig bijna zonder ademen geraak ik in Castets. Het is misschien niet slecht er eens aan herinnerd te worden dat je lichaam grenzen heeft. Ik moet ook méér drinken.






Zondag 1 juli (dag 30) Castets - Dax (32 km)

Korte rit naar Dax. Op de middag strijk ik neer in een 4****camping voor platte rust. Onderweg kwam ik het Hollands echtpaar van gisteren tegen, moedig op stap naar Dax. Tevens steekt mij een Brusselaar voorbij die in 10 dagen naar de Col de Somport raast. Daar kan ik absoluut niet tegenop. Hij vraagt zich af of het wel verstandig is wat ik doe, zo weinig getraind?! En kan ik wel een lekke band herstellen?

Maandag 2 juli (dag 31) Dax Rustdag

Rustdag alvorens ik de Pirynëen (dit is een woord dat ik altijd verkeerd schrijf) intrek. Ik ben er bang voor. Nog 130 km tot de Spaanse grens.




Dinsdag 3 juli (dag 32) Dax - Saint Palais (67 km)

Van zodra je Dax verlaat verandert het landschap spectaculair. Kronkelende wegen en een heuvelend landschap. De witte huizen met bordeaux-rood houtwerk en de blauwe of roze hortensias vertellen mij dat ik in Baskenland ben aangekomen. De wegwijzers zijn in het Frans maar ook in het Baskisch. Vanaf Peyrehorade duiken plots aan de horizon de gevreesde Pyreneeën op. In Caresse stop ik voor een koffietje en wie zit daar? Het Hollands echtpaar. We kennen elkaar al iets beter en Mevrouw geeft me wat van haar homeopatisch middel om beter te kunnen slapen. De rit is zwaarder dan ik mij had voorgesteld. Toch geraak ik op een redelijk uur (17 uur) in Saint Palais waar ik aanklop aan de Refuge Zabalik in een voormalig klooster van de Franciskanen. Zeer goedkoop. s'Avonds wordt een smakelijke maaltijd met allerlei pasta's opgediend door de "refuge-madam" aan een grote tafel samen met de andere pelgrims uit Spanje, Frankrijk, Duitland en Zwitserland. Een écht nieuwe ervaring. Ik spreek beter en beter Frans. Iedereen begrijpt mij. Nog enkele weken en mijn Frans is terug volledig op peil. Ik eet zoals ik in nog geen 4 weken gegeten heb... en dit voor een vrijwillige bijdrage. Iedereen eet zijn of haar buikje rond, het is plezierig om elkaar bezig te zien. De afwas is voor de pelgrims. Ik voel mij gelukkig. Dìt is de sfeer die ik mij inbeelde bij het vertrek. Dit geeft nieuwe moed.




Woensdag 4 Juli (dag 33) Saint Palais - St.Pied-de-Port 30 km 2de deel Camino is afgewerkt! 1569 km

Van in het begin gaat het flink bergop. Ik weet onmiddellijk weer waar mijn knieën staan. Oppassen Ruthje voor tendinitis! Het landschap is prachtig met de steeds dichterbij komende Pyreneeën op de achtergrond. Zelfs tijdens een sporadische regenbui blijft het mooi. Het fietsen is behoorlijk lastig. s'Middags sta ik écht in St.Pied-de-Port! Ik wordt goed ontvangen "à l'accueil des pèlerins" waar men mij bed 9 toewijst in de Refuge Municipal in de Rue de la Citadelle bij Jeannine. Rond mij liggen jongeren uit Tsjekië. Dit is het echte pelgrimsleven uit de boekjes. Ik kan mijn emoties niet langer bedwingen. Een onverwachte ontlading met wenen en lachen tegelijkertijd maakt zich van mij meester. De Mevrouw van "l'accueil" schenkt mij een tas thee uit en raadt mij aan even te gaan zitten vooraleer mijn slaapstee op te zoeken. "Dit gebeurt nog", stelt ze mij gerust. Er is weinig privacy, dit zal ik moeten gewoon worden. Ook geen scheiding der geslachten. Omdat ik er nogal vermoeid uitzie en helemaal alleen uit België kom, mag ik uitzonderlijk 2 nachten blijven slapen. In de refuges mag je normaal slechts 1 nacht verblijven en moet je bed om 9 uur terug vrij zijn. Ik stuur sms'jes naar het thuisfront. Iedereen moet weten dat ik ook het 2de deel van de Camino gehaald heb. Voorlopig geen lekke band. Dank je Saint Jacques! Ik begrijp niet waar ik al die kracht en moed vandaan haal.

Donderdag 5 Juli (dag 34) Rustdag alvorens de klim naar Roncevalles te wagen.

St Pied-de-port is een bezoekje zeker waard. Het stadje leeft van de Camino. Hier vertelt men dat de Camino per fiets zwaarder is dan te voet, zeker bergop. Ik heb vandaag proviand mee voor anderhalve dag want in de refugio in Roncevalles valt enkel te slapen of snurken. Heb mijn tentje en kaarten van Frankrijk met de post teruggestuurd. Dit is toch al 2,5 kg minder!












Vrijdag 6 juli (dag 35) St.Pied-de-Port 163m - Roncevalles 1097m (28 km waarvan 16 km aan 7 tot 9%)

Ik vertrek al om 7u30 met veel moed. Azuurblauwe hemel en geen wolkje te bespeuren. De zon doet haar uiterste best. De Voltarenzalf heeft deze nacht zijn werk gedaan want de pijn in mijn knieën is verdwenen. Tot Valcarlos is het goed te doen, maar dan vogen er 16 km tot 9%. Lastig¡ Het is zweten en puffen maar ik blijf op de fiets en wil geen meter te voet. Regelmatig moet ik toch even halt houden want mijn adem kan niet volgen. Beetje per beetje gaat het traag naar boven. Tegen de middag BEN ik boven. Ik ben boven want ik MOEST boven. Ik heb de eerste col in mijn leven bedwongen, de Ibaneta 1097 meter hoog. En wat een prachtig weer. Geen wolkje te bespeuren. Hierboven is het nog bijna 30 graden. Er waait een fris windje die zorgt voor wat afkoeling. Straks om 16 uur mogen we ons inschrijven voor een bed in een grote tent. De voetgangers mogen in een zaal van 140 bedden en hebben hier duidelijk voorrang. Het is helemaal niet zeker of ik wel een bed toegewezen krijg. 3 km verder in Burguete vind ik een hostal waar ik alleen tot rust kan komen. Het is goed geweest na die 2-daagse heksenketel in St.Pied-de-Port. Nog 790 km tot Santiago. Voortaan geen te lange ritten meer. Ik wil de Camino horen, voelen en ruiken. Niet de stinkvoeten.














Zaterdag 7 juli (dag 36) Burguete - Cizor Menor (Pamplona) 52 km

Rond 8 uur spring ik op de fiets. De lucht is terug diep blauw. Tegen de middag wil ik in Pamplona zijn. Gelijk heb ik want het is al vlug 34 graden. Ik moet 2 heuvels over van 3 km aan 7% vooralleer de definitieve afdaling uit de Pyreneeën begint. Dit zou geen probleem mogen zijn. Maar die berg van gisteren is duidelijk nog niet verteerd. Puf, puf, puf, zweet, zweet, zweet. Toch begrijp ik niet waar ik al die kracht blijf halen. Uit die 2 bananen zeker? De afdaling is spectaculair en om kippevel van te krijgen. De ultieme test van de remblokjes. Daar ligt Pamplona al. Overal mensen in het wit met rode sjaal. De feesten van San Firmin zijn volop aan de gang. Een week lang worden iedere avond om 20 uur stieren losgelaten in de stad. Ik loop verloren in de massa die mij nogal angstaanjagend overkomt. Sommigen zijn nu al duidelijk zat. Geen sprake van de stad en de kathedraal te bezoeken. Gelukkig mag ik mij aansluiten bij een groepje Mexicanen die zich ook te voet door de mensenzee wurmen. Ook zij zijn op weg naar de refuge van Cizor Menor. Het is tijd dat we aankomen want ik krijg het heel warm. De Camino in Spanje is niet te vergelijken met die in Frankrijk. Een totaal andere sfeer!


Zondag 8 juli (dag 37) Cizor Menor - Estella/Ayegui 58 km

Om 7u30 zit ik al op de fiets richting Estella uit schrik voor de warmte die na 14 uur weer de 30 graden zou bereiken. De ene heuvel volgt de andere op, telkens rond 7%. De afdalingen zijn zo snel dat recuperatie nauwelijks mogelijk is. Maar de benen zijn dit al lang gewoon. Stoef, stoef. Rond 10 uur rij ik de pelgrimspoort onderdoor in Puenta La Reina, waar nog andere pelgrimroutes bij elkaar komen. In dit middelleeuwse stadje, hartje Navarra, wil ik wat uitrusten: ik bestel uno cortado y uno bocadillo con quieso, jamon y tomates (kleine koffie met een beetje romige melk en een broodje met kaas, hesp en tomaten). Navarra is een vrij bergachtige streek met toppen tot bijna 1000 m hoog. Nu is de hoofdkleur goudgeel van de overrijpe korenvelden. De oogst is hier al volop bezig. De wolken hangen laag als slierten rond de bergtoppen en geeft het geheel iets mysterieus. Ik geniet ervan met volle teugen. Na de middag kuier ik door de smalle winkelstraatjes van Estella die verlaten zijn want het is zondag. Alles is dicht. In de refuge municipal wordt ik geweigerd als fietster en doorverwezen 2 km verder in Ayegui. Sommige "stappers" zijn duidelijk aangekomen met de bus en ik moet mijn lippen samenpersen om niet uit te vliegen. Een Italiaan is hetzelfde lot beschoren. Wij zijn beiden moe en rijden in de verkeerde richting. De 52 km worden er 58! De ganse dag heb ik alleen gefietst, maar samen zoeken we in Ayegui de albuerge op , is dat niet mooi? De camino is een tocht van de vriendschap.