Blogs

  • : preg_replace(): The /e modifier is deprecated, use preg_replace_callback instead in /home/esteen/ruth-is-onderweg.net/includes/unicode.inc on line 311.
  • : preg_replace(): The /e modifier is deprecated, use preg_replace_callback instead in /home/esteen/ruth-is-onderweg.net/includes/unicode.inc on line 311.

Zaterdag 16 Augustus (Dag 2) Vers op de Lot - Castelnaud-Montratier

De nacht was bibberkoud. Al vlug ben ik tot Cahors afgedaald waar ik vanop een bank de Pont Valentré bewonder. Op deze bank heb ik ooit met mijn 2de partner gezeten. Het verlaten van de valei van de Lot is geen kinderspel. Een 4tal hellingen van 4 à 6% doen mij veel naar de drinbus grijpen. Gelukkig is deze veel groter dan vorig jaar. Rond 14u30 bereik ik Castelnaud waar een brasserie in de zon mijn eetlust niet onder bedwang kan houden. Ik laat me gaan en overloop in gedachte de prachtige panorama's van de Quercy. De camping is klein maar verzorgd. Het is vreemd. Pas 2 dagen onderweg en het is alsof ik nog aan de tocht van verleden jaar bezig ben. De 14 maanden er tussen lijken plots helemaal opgelost. Hoe relatief is de tijd toch.

Cahors


Camping

Vrijdag 15 Augustus 2008 (Dag 1) Carlux bij Souillac - Vers (73 km)

Na een autorit van ongeveer 1000 km tot Carlux, vertrek ik morgen echt waar richting Compostela. Ik heb hier 2 dagen geleefd als een godin aan de Dordogne. Gelanterfant, genoten van de zon en de regen. Even genipt aan een glasje wijn, wat afgekoeld in het diepblauwe zwembad. Ja, zelfs een kuitenbijter geprobeerd met bagage en al. De Dordognestreek is een waar fietsparadijs.Of ik er zal in slagen iedere dag iets van mij te laten horen... ik zal proberen. Mijn allereerste doel is nu wel aankomen in Compostela. Groetjes en tot weldra op dit medium.
Nog een vrijblijvende mededeling van de sponsor.

Het is zover. Ik hou het afscheid kort. Te emotioneel.








De Dordognestreek is mooi maar ik voel algauw niet voor beginners. De ene col volgt de andere op, dalend en stijgend tussen 200 en 400 m. Bovenop de causes van de Quercy en de Lot zijn de vergezichten met de flarden witte watte wolken oneindig. In Labastide-Murat moet ik af de fiets. Tè stijl. Een ideale training voor de Pyrenées binnen een een 10-tal dagen. De camping aldaar is niet meer dan een grasveld op een winderige hoogte. Ik besluit af te dalen tot in Vers. Hier ligt de camping pal aan een rivier en de prijs is belachelijk klein. EEn mooie dag. Ik ben moe en heb me nu al ietsje overtroffen. Even paniek want mijn notaboekje met al mijn notities is even zoek. Ik vind het onder mijn luchtmatras. het is tijd om horizontaal te bekomen van de eerste rit.

Ik heb beslist

Ik heb beslist mijn pelgrimstocht naar Compostela vanaf half augustus verder af te werken met de fiets. Zeer waarschijnlijk ergens vanaf Rocamadour in de Dordognestreek. Dan is het nog ongeveer 1450 km. Tenzij... ja, je weet maar nooit. Ik heb alvast het stof van mijn hometrainer geveegd want het komt er nu op aan mijn conditie minstens op het peil van vorig jaar te brengen. De zweetdoekjes liggen klaar, mijn fietsbroek en truitje zijn als nieuw gewassen en passen nog perfect. Dit bewijst dat ik in het najaar niet veel kilos ben aangekomen. Dit is al positief. Om buiten te fietsen vind ik het nog veel te koud. Hoe meer ik terug met Compostela bezig ben, hoe harder het terug begint te kriebelen. Het kriebelt verdorie in mijn keel. Rustig maar! Er liggen nóg virussen op de loer.

Epiloog. Woensdag 18 juli te Leuven

Ik heb de eindbestemming niet gehaald. Toch voel ik mij niet ongelukkig. Integendeel, ik ben een gans boek ervaringen rijker die ik niet rap zal vergeten. De onophoudelijke wolkbreuken en plensbuien tussen Noyon en Tours. De 80-jarige dame in Chartres die mij op het hart drukte “C’est le bon Dieu qui vous appelle”. De eerste beangstigende dip midden in de oneindige bossen van de Landes. De ongelofelijke ontvangst in het “acceuil des pèlerins” in St.Pied-de-Port waar ik van vermoeidheid bijna letterlijk binnenviel en de diepe emotionele ontlading die daarmee gepaard ging. De gigantische kom pasta die Jeanine, “mère des pèlerins”, er uit haar mouw toverde en er voor zorgde dat ik 2 nachten kon blijven. De loodzware beklimming onder een stralende hemel van de Ibaneta naar Roncevalles, “mijn Ventoux”. De hysterische massa Spanjaarden waarin ik terecht kwam in Pamplona tijdens de feesten van San Fermìn. De vieze matrassen in de sportzaal in Logrono. De totale uitputting in Belorado op nauwelijks 55 km van Burgos…
40 dagen lang vertrok ik iedere dag opnieuw vol moed en vertrouwen zonder te weten wat de dag mij zou brengen. 40 dagen in de woestijn... verstand op nul. In Belorado was het moment aangebroken om het verstand op één te zetten. Een aartsmoeilijk moment van ontgoocheling en veel traanvocht, maar ook van opluchting. Ik had een geweldige prestatie geleverd, die ik vooraf niet kon inschatten en ook niet wilde inschatten. De “opdracht” was voor 3/4de geslaagd en ik heb dus op zijn minst een onderscheiding verdiend.
Om de ganse tocht vanuit België tot Compostela in één ruk te kunnen volbrengen moet je voldoen aan een hele resem voorwaarden. Er moet een grondige motivatie zijn. De moraal moet uitstekend zijn. Het traject moet op voorhand goed bestudeerd zijn wat betreft overnachting en eetgelegenheid. Het lichaam moet tamelijk goed getraind zijn in uithouding. Er moet voldoende tijd voorzien zijn voor recuperatie. De fiets is vanzelfsprekend technisch in orde en de bagage gewikt en gewogen.
In Spanje ergerde ik mij hévig - misschien onterecht - aan het feit dat ik als fietser vanuit Leuven en èchte pelgrim moest voorrang verlenen aan de stappers in het algemeen, en vooral aan de Spaanse “toeristen” die eventjes voor enkele dagen met veel tamtam op stempeljacht vertrokken als een soort vakantietrip. Ik raakte gestresseerd door het te lange wachten aan de overvolle refugios en door de onzekerheid op een bed. Hierop was ik niét voorbereid.
Hierdoor had ik te weinig tijd voor recuperatie en kon ik op het laatste zelfs de slaap niet meer vatten. De vermoeidheid stapelde zich op en ik verdroeg de aanhoudende hitte boven de 30 graden niet langer. Alsmaar luider hoorde ik mijn lichaam schreeuwen : pasta of basta, hou er mee op! De moraal zat niet meer goed. Heimwee stak de kop op. Na 220 km in Spanje was het plots afgelopen. Hieruit zal ik leren. Ik hoop dat de Camino in Spanje niet door zijn eigen succes zal ten onder gaan… Scherpenheuvel in de zoveelste macht.
Het was afgelopen…dacht ik. Het is niét afgelopen. Santiago, je mag mij volgend jaar in september in Compostela verwachten! De laatste 306 km te voet met rugzak vanuit León. Dan ben ik 60. Of misschien tòch met de fiets vanuit Rocamadour over St.Jean-Pied-de-Port en de route Francès naar Compostela (1400 km)? Voelt er zich iemand toe geroepen om mij te vergezellen, man of vrouw?
Dank je Santiago want je was een uitstekend leider! Ik ben niet bestolen of verkracht, ik ben niet ziek geworden, ik heb geen bandenpech gehad! Dank je voor de hals over kop geïmproviseerde terugreis met de trein die wonderbaarlijk vlot verliep! Dank je voor de behouden thuiskomst!
Ik denk dat ik nu een beetje sterker in het leven sta. Ik was voortdurend verplicht uit mijn schelp te komen in contact met andere pelgrims van allerlei pluimage. Ik heb in St.Jean-Pied-de-Port een schelp gekocht als sleutelhanger, die ik voortaan “onderweg” altijd zal bij hebben. Als een soort fetisj of ouderwets schapulier, wat maakt het uit.
Men beweert : éénmaal scouts voor altijd scouts. Ik zeg : éénmaal pelgrim, voor altijd pelgrim.
Ik heb er absoluut geen spijt van. Het was zeker de moeite waard. Een geslaagd hoogtepunt in mijn leven. Maar... ik ben niet van het virus af?!
Pittig detail : ik ben met één rolletje wc-papier vertrokken en ik ben met datzelfde wc-rolletje terug thuisgekomen.

Donderdag 12 Juli (dag 41) Belorado - Belorado: 0 km. Einde na 1860 km.

Ik voel mij onvoldoende uitgerust om de zware tocht naar Burgos aan te vatten. Nu moet ik de keuze maken : verder doen met straffere medicatie met het risico mijn knieën invalide te rijden of gezond en wel de terugreis aan te vatten. Sorry, beste lezers, IK STOP ER BETER MEE. De bedoeling van de Camino is "onderweg zijn" en daar heb ik ruimschoots aan voldaan. Santiago was enkel de plaats van aankomst. De Camino is een mixt van extreme emoties : opperste geluk maar ook doffe ellende, onverwachte hoogtepunten, onverwachte dieptepunten. Dit alles alleen verwerken is niet vanzelfsprekend. De Camino is het leven zelf. El Camino asi es la vida. Ik heb er geen spijt van. Integendeel, ik heb 40 dagen lang alleen mijn plan moeten trekken en ik durf nu met gerust hart beweren dat ik een "ouwe taaie" ben. Ik heb mijn fiets hier afgeleverd in de refuge met het thuisadres opgeplakt. De man uit Wallonië komt mijn fiets afhalen. Hoe kom ik naar huis? Dit ga ik nu uitzoeken. Morgen met de bus naar Burgos en dan...? Ik bedank iedereen hartelijk die mij met zoveel enthousiasme gevolgd heeft. Zonder deze steun zou ik nooit zover geraakt zijn. Mijn gezondheid wil ik niet op het spel zetten. Ik heb hier voeten van stappers gezien die er bijna geen meer waren. Zover wil ik niet gaan. Voor mij is dit geen mislukking. De intenties leg ik hier neer in de kerk. Wie weet...volgend jaar in juni vervolg ik de Camino vanuit Burgos, nog slechts 550 km. Te voet dan en liefst in gezelschap. Wie gaat er mee? Ik ben fier over mijzelf en over de 1860 km die ik met de fiets heb afgelegd. Ik was een tikkeltje overmoedig misschien, maar is het leven niet aan de durvers? HASTA LUEGO
Lieve mensen, het is mooi geweest.








Woensdag 11 Juli (dag 40) Sto Domingo - Belorado 29 km

Na 15 km steek ik de grens van de provincie Burgos over. Het gaat licht hellend gesta naar boven. Slechts een hoogteverschil van 150 m. Toch vlot het niet. Belorado (750 m hoog) lijkt onbereikbaar. Met slechts zeer veel moeite geraak ik er. Ik besluit hier een hotel op te zoeken, het mag kosten wat het wil. Na 4 dagen Voltarenzalf blijft de pijn in mijn knieën knagen. Ik tril en beef over gans mijn lichaam. Mijn ingewanden rommelen en rammelen als een wasmachine. Zo kan het niet meer verder. Ik ben kapot. De tranen staan mij in de ogen. Dit is een dip die ik ernstig moet opvatten. Mijn gezondheid staat nu op het spel. Telefoontjes vanuit het thuisfront doen mijn tranen opdrogen. Vanavond vroeg in bad en bed. Morgen moet er 300 m geklommen worden vooralleer af te dalen naar Burgos, slechts nog 55 km. 11 Juli is dit jaar voor mij een komplete off-day!

Dinsdag 10 Juli (dag 39) Logrono - Sancto Domingo 61 km (over de 1800 km)

De Riojastreek zal ik niet rap vergeten. Ik heb er meer mijn schoenen versleten dan mijn fiets. Een mooie streek, dat niet. De aarde is er zo rood als de wijn. De route loopt rond en over de N120 die omgevormd wordt tot een autostrade. Nu mag je met de fiets niet meer komen waar het vroeger wel mocht. De gids klopt dus langs geen kanten meer. Ik moet bijna 8 km naast de autostrade te voet langs een zeer grove grintweg, ideaal om mijn banden aan flarden te rijden. Uiteindelijk volg ik met mijn fiets de route van de stappers, holderdebolder rotsblok op rotsblok af. Toch kom ik aan in Najéra. Nu moet ik een heuvel op tot 767 m (250 m hoogteverschil). De tegenwind is zó sterk dat ik moet afstappen. Weer te voet. De schilderachtige wijngaarden...het zal mij worst wezen. Doodmoe kom ik aan in Sto Domingo waar de refuge volzet is. Er is een tweede refuge waar ik bijna een half uur moet aanschuiven. Soms heb ik er echt genoeg van. Ik krijg bed 61, het laatste! De anderen kunnen naar de sportzaal. De refuge is net een marktplaats waar geslapen, gegeten, gedronken, gewassen wordt, iedereen door elkaar. Die drukte is er vandaag voor mij te veel aan. Als fietser ben je tijdens de rit meestal alleen. Dit vind ik al lang niet erg meer...zolang ik maar geen technisch defect heb. Die Camino, het is me wat!




Maandag 9 Juli (dag 38) Ayegui - Logrono 51 km

Om 6u30 gaan de lichten onverbiddelijk aan. Er staan 2 heuvels op het programma met 150 tot 200 m hoogteverschil. Het landschap is zoals gisteren maar wijdser. De frisse wind krijgt hier vrij spel. Overal staan op de heuveltoppen windmolens vrolijk hun wieken rondzwengelen. In Los Arcos heb ik er al een heuvel opzitten en breng een bezoekje aan de refuge die door vlamingen in rolbeurt wordt gerund. Myriam en Peter ontvangen mij zeer hartelijk met een koffie en een deugddoend gesprek. Ik mag blijven overnachten. Het is pas 10u30 en begeef me richting Logrono. De "de heuvel raak ik minder gemakkelijk over. Viana is 1 grote bouwwerf en ik rij door tot Logrono. Op de middag sta ik al voor de refugio. Hoog op de schoorstenen en kerktorens trekken de ooievaars zich niets aan van het stadsgeweld. Fietsers moeten wachten tot 16u00. Ik zoek een restaurant op. Deze zijn nog niet open want in Spanje eten ze ten allervroegste om 13u30. Ik val bijna omver van de honger. Ik doe mij te goed aan een vissoepje, aan "merluza a la plancha y de postre un flan" (gebakken heek en als desert een flan uit eieren), geleerd in de Spaanse les. Het smaakt want ik heb al 3 dagen niets deftigs meer gegeten. Om 16u00 wordt ik doorverwezen naar de sportzaal waar een 50-tal vuile matrassen kriskras op de vloer liggen. Wat ik al niet lijden moet. Er is iets eigenaardigs aan die Camino. Ik moet zoveel emoties verwerken dat ik s'middags soms nauwelijks nog weet waar ik s'morgens vertrokken ben. De Camino doet je inspanningen leveren die je normaal niet aankan. Ik wordt er soms bang van en wil ermee stoppen. Je speelt voortdurend met je grenzen, zowel geestelijk als lichamelijk. Welke invloed zal dit oip mij hebben?
















Zondag 8 juli (dag 37) Cizor Menor - Estella/Ayegui 58 km

Om 7u30 zit ik al op de fiets richting Estella uit schrik voor de warmte die na 14 uur weer de 30 graden zou bereiken. De ene heuvel volgt de andere op, telkens rond 7%. De afdalingen zijn zo snel dat recuperatie nauwelijks mogelijk is. Maar de benen zijn dit al lang gewoon. Stoef, stoef. Rond 10 uur rij ik de pelgrimspoort onderdoor in Puenta La Reina, waar nog andere pelgrimroutes bij elkaar komen. In dit middelleeuwse stadje, hartje Navarra, wil ik wat uitrusten: ik bestel uno cortado y uno bocadillo con quieso, jamon y tomates (kleine koffie met een beetje romige melk en een broodje met kaas, hesp en tomaten). Navarra is een vrij bergachtige streek met toppen tot bijna 1000 m hoog. Nu is de hoofdkleur goudgeel van de overrijpe korenvelden. De oogst is hier al volop bezig. De wolken hangen laag als slierten rond de bergtoppen en geeft het geheel iets mysterieus. Ik geniet ervan met volle teugen. Na de middag kuier ik door de smalle winkelstraatjes van Estella die verlaten zijn want het is zondag. Alles is dicht. In de refuge municipal wordt ik geweigerd als fietster en doorverwezen 2 km verder in Ayegui. Sommige "stappers" zijn duidelijk aangekomen met de bus en ik moet mijn lippen samenpersen om niet uit te vliegen. Een Italiaan is hetzelfde lot beschoren. Wij zijn beiden moe en rijden in de verkeerde richting. De 52 km worden er 58! De ganse dag heb ik alleen gefietst, maar samen zoeken we in Ayegui de albuerge op , is dat niet mooi? De camino is een tocht van de vriendschap.








Zaterdag 7 juli (dag 36) Burguete - Cizor Menor (Pamplona) 52 km

Rond 8 uur spring ik op de fiets. De lucht is terug diep blauw. Tegen de middag wil ik in Pamplona zijn. Gelijk heb ik want het is al vlug 34 graden. Ik moet 2 heuvels over van 3 km aan 7% vooralleer de definitieve afdaling uit de Pyreneeën begint. Dit zou geen probleem mogen zijn. Maar die berg van gisteren is duidelijk nog niet verteerd. Puf, puf, puf, zweet, zweet, zweet. Toch begrijp ik niet waar ik al die kracht blijf halen. Uit die 2 bananen zeker? De afdaling is spectaculair en om kippevel van te krijgen. De ultieme test van de remblokjes. Daar ligt Pamplona al. Overal mensen in het wit met rode sjaal. De feesten van San Firmin zijn volop aan de gang. Een week lang worden iedere avond om 20 uur stieren losgelaten in de stad. Ik loop verloren in de massa die mij nogal angstaanjagend overkomt. Sommigen zijn nu al duidelijk zat. Geen sprake van de stad en de kathedraal te bezoeken. Gelukkig mag ik mij aansluiten bij een groepje Mexicanen die zich ook te voet door de mensenzee wurmen. Ook zij zijn op weg naar de refuge van Cizor Menor. Het is tijd dat we aankomen want ik krijg het heel warm. De Camino in Spanje is niet te vergelijken met die in Frankrijk. Een totaal andere sfeer!


Inhoud syndiceren